HET VERHOOR VAN SUARDUS POSTHUMA

Articulen
Probatoir voor den Proc.r Genr.l dezes lantschappe rat. off. klageren post.,
contra Syverhardus Posthumus van de Dragten,
bekl.de en post.de, om bij dezelve te worden beantwoord.
De klager stelt waar te zijn:
Dat de bekl.de al voor eenige jaren de medebekl.de Antje
Jans Pama als dienstmeid bij zig in huijs heeft gehad te wonen.
Syverhardus Posthumus R: Credit
(geeft dit toe)
Dat hij bekl.de bij dezelve gedurende haar dienst een kint
buiten den echt heeft geprocreëert.
Dat de bekl.de dit kint als het zijne, daar hij vader van
was, heeft bekent en aangenomen
R: uts. (alsboven)
Dat de bekl.de dit kint na zijn voornaam Suarda of
Syverhardina heeft laten benoemen
R: uts.
Dat dit kint bij de bekl.de als het zijne word opgevoed en
bij hem in huijs woont.
R: uts.
Dat de bekl.de eenen Reid Gerbens in zijne minderjarigheit
sedert deszelfs 16de en 17de jaar tijdelijks aan zijn huijs ontfangen heeft
R:
Door het huwelijk van den resp. broeder aan de suster van Reid was er familiare
kennisse gekomen, ook hadde hij wel aan de resp. huijs als knegt gewerkt of
geverft.
en de conversatie van Reid Gerbens met des bekl.des
voorschreven dienstmeijd niet alleen toegestaan
R: Dat hem in de tijt onbekent was dat er meer als burgerlijke verkering was.
maar ook op allerleij wijze begunstigt ende aanleijding
daartoe gegeven heeft.
R:
Daar geen occasie toe gegeven te hebben maar dat de resp. wat merkende Reid
Gerbens daar van wel heeft afgemaant
Met deze Reid Gerbens zo wel bij nagt als bij dag toegang
tot zijn gemelde dienstmeijd te geven
R:
Onwaar te zijn, zijnde met zijn vrinden wel op een avontvisite bij hem geweest
of dat op een avont wat van de resp. quam halen.
Den zelven met alle bedenkelijke beleeftheit en
vriendelijkheit ten allen tijde aan zijn huijs te tracteren
En door deze verleidelijke ontmoetingen Reid Gerbens zo
verre te brengen, dat die zig zelfs zo verre vergetende, op aanraden van de
bekl.de met Antje Jans troubeloften heeft gecontracteert
Alles tot groote smerte en in weerwil van Wytske Abes, de
moeder van Reid Gerbens
Dat deze Wijtske Abes om de conversatie van haar zoon ten
huijze van de bekl.de te beletten en tegen te gaan, haar bij request aan den
Hove geaddresseert en een penale oronnantie tegen de bekl.de cum soc. voor
gepraesenteerd heeft
Dat het Hof na examinatie van het voorschr. request op den
12 Maart 1745 de penale ord.tie bij de probatoire art.len overgelegt, tegen de
bekl.de cum soc.verleent heeft
Dat de penale ord.tie den volgenden dag aan de beklaagde
geinsinueert is
R: Nescit (weet hij niet)
Dat de bekl.de niettegenstaande na de voorschreven penale
ord.tie voortgevaren is de conversatie van Reid Gerbens met Antje Jans aan zijn
huijs te laten continueren
R: Dat hij eens en andermael verfstoffen heeft gehaelt en
hadde hem niet aangehouden
en bovendien Reid Gerbens en Antje Jans met raad en daat te
adsisteren om malkanderen in hunne troubeloften stantvastig te blijven tegen
alle beswaren van Reid Gerbens moeder
R: Dat in allen opreghte zoo niet te zijn
Dat deze pogingen van de bekl.de alleen met dat oogmerk zijn
geschiet om deze Reid Gerbens en Antje Jans Pama uijt te koppelen
R: Onwaar te zijn
Om daardoor zelfs van Antje Jans ontslagen te worden en zijn
eigen kwaad met de schande van een ander enigzins te bedekken
R: Onwaar te zijn hebbende
zij aan de bekl.de belooft weder bij hem te zullen komen doe zij na Groningen
gereist is
Dat de bekl.de ten dien einde aan Reid Gerbens geraden heeft
om zig na Embden te begeven en daar met Antje te trouwen
R: Onwaar te zijn, hebbende niet beter geweten of zij zouden
in drie dagen weder komen.
Dat Reid Gerbens de raad van de bekl.de opgevolgt en zig na
Embden begeven heeft
Dat Antje op persuasie van de Bekl.de zig mede derwaarts
begeven heeft
Dat Reid en Antje door Wijtske Abes met veel kosten en
moeijten in hun voornemen van te trouwen in Embden verhindert zijn
Dat Antje Jans na haar wederkomst van Embden bij de bekl.de
nog eenigen tijd in huijs gewoont heeft.
Dat Reid Gerbens na zijn terugkomst van Embden door de
bekl.de in zijn huijs bij Antje Jans met de conversatie ontfangen is
R: Utsupera
(alsboven)
Dat daarna Reid Gerbens door zijn moeder na Hollant gezonden
is om hem te beletten de conversatie meergemeld
Dat de bekl.de op den 4 maart 1746 de brief onder A
overgelegt, en dus na de penale ord.tie aan Reid Gerbens in Hollant geschreven
heeft
Dat na vertoninge van deze brief aan de bekl.de door de Ed.
Mog. Heer Commissaris hij zal moeten bekennen dezelve door hem in het geheel
eigenhandig met het opschrift geschreven en ondertekent te zijn
Dat de bekl.de Reid Gerbens in die brief met kennis van
Antje Jans heeft aangemaant,
Dat hij zich door geene wederwaardigheden moest laten
afschrikken van zijne trouw en stantvastigheit voor Antje Jans Pama
Dat hunne vrintschap nog door voor- of tegenspoed, nog door rijkdom of armoede nog te verbroken worden
Dat de bekl.de Antje Jans Pama in die brief noemt de
liefste van Reid Gerbens
R: geantwoort te hebben op een brief door hem geschreven
alwaar hij haar soo noemt
Dat de bekl.de deszelfs hoerenkint bij Antje geprocreëert
aan Reid Gerbens daarin durft te noemen zijn alderliefste dogter Suardina
Wijders dat Reid Gerbens bij het tezamen wezen van de
bekl.de met Antje Jans op het Heerenveen het voorwerp was geweest van hunne
gedagten, discoursen en verlegentheit
Omdat er gerugten waren dat hij Reid Gerbens tegen zijn wil
na Oostindiën zoude gezonden worden
Dat de bekl.de op den 26 en 27 October 1746 in het Dragtster
jaarmarkt ten zijnen huijze tezamen ontfangen heeft
R: dat niet beter wist als dat de zaeken waren ingeschikt
met de vrinden
Dat voorn. twee personen gedurende dese twee dagen in
presentie van de bekl.de aan sijn huijs hebben geconverseert
Dat zij bij malkanderen op een bed aldaar hebben geslapen
Uiteraard is ook Antje Jans ondervraagd. Veel vragen komen
overeen met de bovenstaande, pikant is nog haar antwoord op de vraag:
Dat de bekl.de voor of onder de conversatie met Reid Gerbens
reets een kint buijten den echt bij haar broodheer Syverhardus Posthumus de
mede bekl.de had overgewonnen
R: Credit, dog heeft de apotheker haar, als toen maar 18 of
19 jaren oud zijnde, daartoe verleid en was sulks aan Reid Gerbens en de
vrienden die daar veel aan huis kwamen wel bekend.